Nieuwsberichten Raadplegen

Datum 04-04-2019
Titel Uitstroom uit flexbanen. Invloed van persoonlijke factoren, werkkenmerken en contracttype (Bron: Flexwork research)
Uitstroom uit flexbanen. Invloed van persoonlijke factoren, werkkenmerken en contracttype
 

Nederland kent een groeiend aantal flexwerkers. Dat maakt inzicht in welke flexwerkers een kwetsbare arbeidsmarktpositie hebben essentieel. Dit onderzoek beantwoordt de vraag in hoeverre persoonlijke factoren, werkkenmerken en het contracttype de uitstroom van flexwerkers naar een vast contract of naar een uitkeringssituatie beïnvloeden. Hiertoe is multinomiale logistische regressie toegepast op de data van 4733 flexwerknemers uit de NEA (Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden) van TNO en CBS en hun 5-jaar follow-up uitstroomgegevens uit het Sociaal Statistisch Bestand van het CBS. Eerder onderzoek naar arbeidsmarkttransities van flexwerkers richtte zich voornamelijk op demografische kenmerken, opleidingsniveau en formele baankenmerken, zoals sector. Dit onderzoek kijkt daarnaast ook naar de werk-privébalans, gezondheid, leerrijk werk en werkbelasting van flexwerkers.

De resultaten laten zien dat de relatieve kans op uitstroom naar een vaste arbeidsrelatie ten opzichte van langdurig verblijf in de flexibele schil groter is voor vrouwen, hoogopgeleiden en werknemers met een tijdelijk contract (in plaats van uitzend- en oproepkrachten). De relatieve kans op uitstroom naar de sociale voorzieningen ten opzichte van langdurig verblijf in de flexibele schil is groter voor vrouwen en ouderen. Daarnaast verhogen een slechte gezondheid, burn-outklachten en beperkte steun van de leidinggevende deze relatieve kans aanzienlijk. Meer aandacht voor het welzijn van flexwerkers in organisaties door de leidinggevende en betere begeleiding van flexwerkers met gezondheidsproblemen of burn-outklachten zijn dus belangrijke aangrijpingspunten bij het voorkomen van uitval op de arbeidsmarkt.

Inhoud
Uitstroom uit flexbanen. Invloed van persoonlijke factoren, werkkenmerken en contracttype
 

Nederland kent een groeiend aantal flexwerkers. Dat maakt inzicht in welke flexwerkers een kwetsbare arbeidsmarktpositie hebben essentieel. Dit onderzoek beantwoordt de vraag in hoeverre persoonlijke factoren, werkkenmerken en het contracttype de uitstroom van flexwerkers naar een vast contract of naar een uitkeringssituatie beïnvloeden. Hiertoe is multinomiale logistische regressie toegepast op de data van 4733 flexwerknemers uit de NEA (Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden) van TNO en CBS en hun 5-jaar follow-up uitstroomgegevens uit het Sociaal Statistisch Bestand van het CBS. Eerder onderzoek naar arbeidsmarkttransities van flexwerkers richtte zich voornamelijk op demografische kenmerken, opleidingsniveau en formele baankenmerken, zoals sector. Dit onderzoek kijkt daarnaast ook naar de werk-privébalans, gezondheid, leerrijk werk en werkbelasting van flexwerkers.

De resultaten laten zien dat de relatieve kans op uitstroom naar een vaste arbeidsrelatie ten opzichte van langdurig verblijf in de flexibele schil groter is voor vrouwen, hoogopgeleiden en werknemers met een tijdelijk contract (in plaats van uitzend- en oproepkrachten). De relatieve kans op uitstroom naar de sociale voorzieningen ten opzichte van langdurig verblijf in de flexibele schil is groter voor vrouwen en ouderen. Daarnaast verhogen een slechte gezondheid, burn-outklachten en beperkte steun van de leidinggevende deze relatieve kans aanzienlijk. Meer aandacht voor het welzijn van flexwerkers in organisaties door de leidinggevende en betere begeleiding van flexwerkers met gezondheidsproblemen of burn-outklachten zijn dus belangrijke aangrijpingspunten bij het voorkomen van uitval op de arbeidsmarkt.