14 mei, 2019

De zekerheid dat je rondkomt (Bron: Flexwork research)

De zekerheid dat je rondkomt

Elke maand heeft 8% van de mensen in de bijstand inkomsten uit parttime of flexibel werk. Dat gaat landelijk gezien om bijna veertigduizend mensen.

Zij zijn te bewonderen. Ze hebben te maken met de onzekerheid van verschillende inkomstenbronnen, verschuivende toeslagen en complexe technieken om inkomsten te verrekenen. Zij stappen op een wiebelbootje. Wie zijn mijn nieuwe collega’s? Kan ik dit werk? Wat heb ik aan het eind van de maand te besteden? Kan ik al het geld uitgeven dat op mijn rekening staat of krijg ik te maken met terugvorderingen en kortingen op mijn huur- en zorgtoeslag?

‘Elk gewerkt uurtje telt’, schreef Divosa een paar jaar terug naar aanleiding van cijfers over parttime werk in de bijstand. Inmiddels weten we ‘elke geboden zekerheid ook’.

Je weet wat je hebt, maar niet wat je krijgt.

Lina heeft een bijstandsuitkering en durft de stap naar werk niet te maken

Mensen willen graag weten waar ze aan toe zijn, een voorspelbaar inkomen en duidelijkheid over wijzigingen daarin. Mensen zoeken naar zekerheid en stabiliteit.

Willen we mensen in de bijstand stimuleren om parttime of flexibel werk te accepteren, dan moeten we die zekerheid bieden. De efficiëntie van onze werkprocessen is daaraan ondergeschikt.

De brieven die mevrouw ontving van de gemeente over het deels terugvorderen van de uitkering veroorzaakten de meeste paniek. Door de grote variatie in gewerkte uren (afhankelijk van hoeveel werk haar werkgever voor haar had) was het inschatten van het loon lastig. Iedere maand vond er wel een terugvordering of verrekening plaats. Dit gaf zoveel onrust, dat ze eigenlijk altijd alleen maar met haar inkomen bezig was.

Geef mensen die werken naast de bijstand zekerheid. Bied maatwerk in de verrekening. Dat kan. Lees de werkwijzer van Divosa er maar op na over het verrekenen van inkomsten uit parttime werk. Kijk of de Divosa Verbeterscan voor jouw gemeente van meerwaarde kan zijn. En volg ons project Simpel Switchen in de Participatieketen, want daar staat dit onderwerp de komende tijd hoog op de agenda.

Erik Dannenberg
voorzitter Divosa

14 mei, 2019

Krapte op arbeidsmarkt opnieuw naar hoogtepunt (Bron: NOS)

De spanning op de arbeidsmarkt blijft maar toenemen, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. In het eerste kwartaal van 2019 stonden in bijna alle bedrijfstakken meer vacatures open. In totaal zijn dat er 277.000, een nieuw record. Vooral middelgrote bedrijven, met 10 tot 100 werknemers, hebben meer vacatures openstaan.

Tegelijkertijd is de werkloosheid het afgelopen kwartaal gedaald naar 3,4 procent, de laagste stand sinds de crisis van 2008. Door de lage werkloosheid neemt de krapte op de arbeidsmarkt verder toe. Daardoor hebben werkgevers moeite om aan personeel te komen, wat de groei van de economie in de weg kan zitten.

Volgens Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS, heeft de krapte geleid tot een stijging van het aantal vaste contracten. "Bedrijven hebben moeite om personeel te vinden en bieden daarom meer vaste contracten om mensen aan zich te binden."

Geen hogere lonen

Opvallend is dat de reële lonen, lonen gecorrigeerd voor inflatie, niet gestegen zijn maar zelfs gedaald. "Dat is vreemd. Een krapte op de arbeidsmarkt zou zich ook moeten vertonen in hogere lonen. Bedrijven boeken recordwinsten dus er zou ruimte voor moeten zijn."

Het afgelopen jaar zijn er 230.000 banen bij gekomen, waardoor de huidige periode van banengroei al sinds 2014 aan de gang is. Sindsdien zijn er meer dan 860.000 banen bij gekomen. Hierdoor is de vorige periode van banengroei van 2004 tot 2008 overtroffen. In de zorg, handel en horeca kwamen er de meeste banen bij.

De werkloosheid is al vijf jaar aan het dalen. In begin 2014 was de werkloosheid nog 7,8 procent en nu is die 3,4 procent. Dat zijn in totaal 316.000 werkzoekenden. Ook het aantal langdurig werklozen, mensen die minstens een jaar op zoek zijn naar werk, is gedaald.

04 april, 2019

Uitstroom uit flexbanen. Invloed van persoonlijke factoren, werkkenmerken en contracttype (Bron: Flexwork research)

Uitstroom uit flexbanen. Invloed van persoonlijke factoren, werkkenmerken en contracttype
 

Nederland kent een groeiend aantal flexwerkers. Dat maakt inzicht in welke flexwerkers een kwetsbare arbeidsmarktpositie hebben essentieel. Dit onderzoek beantwoordt de vraag in hoeverre persoonlijke factoren, werkkenmerken en het contracttype de uitstroom van flexwerkers naar een vast contract of naar een uitkeringssituatie beïnvloeden. Hiertoe is multinomiale logistische regressie toegepast op de data van 4733 flexwerknemers uit de NEA (Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden) van TNO en CBS en hun 5-jaar follow-up uitstroomgegevens uit het Sociaal Statistisch Bestand van het CBS. Eerder onderzoek naar arbeidsmarkttransities van flexwerkers richtte zich voornamelijk op demografische kenmerken, opleidingsniveau en formele baankenmerken, zoals sector. Dit onderzoek kijkt daarnaast ook naar de werk-privébalans, gezondheid, leerrijk werk en werkbelasting van flexwerkers.

De resultaten laten zien dat de relatieve kans op uitstroom naar een vaste arbeidsrelatie ten opzichte van langdurig verblijf in de flexibele schil groter is voor vrouwen, hoogopgeleiden en werknemers met een tijdelijk contract (in plaats van uitzend- en oproepkrachten). De relatieve kans op uitstroom naar de sociale voorzieningen ten opzichte van langdurig verblijf in de flexibele schil is groter voor vrouwen en ouderen. Daarnaast verhogen een slechte gezondheid, burn-outklachten en beperkte steun van de leidinggevende deze relatieve kans aanzienlijk. Meer aandacht voor het welzijn van flexwerkers in organisaties door de leidinggevende en betere begeleiding van flexwerkers met gezondheidsproblemen of burn-outklachten zijn dus belangrijke aangrijpingspunten bij het voorkomen van uitval op de arbeidsmarkt.

04 april, 2019

De arbeidsmarkt in 2019 (Bron: UWV)

De arbeidsmarkt in 2019
 

Wat zijn de verwachtingen over de arbeidsmarkt voor 2019? Uit prognoses van UWV en een enquête onder ruim tweeduizend werkgevers in het najaar van 2018 komt het volgende beeld naar voren:

  • Er ontstaan naar schatting 1,2 miljoen vacatures, waarvan de meeste in de sectoren detailhandel en zorg en welzijn.Het aantal banen groeit naar 10,6 miljoen.
  • Het aantal WW-uitkeringen daalt naar 237.000 eind 2019.
  • Ruim de helft van de werkgevers zegt dat door de krapte op de arbeidsmarkt vacatures minder snel vervuld worden. Bijna de helft noemt dat de werkdruk hoger wordt en 41% zegt dat de loonkosten zullen stijgen als gevolg van de krapte.
  • Twee van de tien bedrijven verwachten dat het (veel) moeilijker wordt om personeel te behouden, 72% denkt het niet moeilijker of makkelijker wordt.

In de enquête werd ook teruggekeken op 2018. Werkgevers gaven aan dat 46% van hun vacatures moeilijk vervulbaar was. Drie van de tien werkgevers met vervulde vacatures hebben een vacature vervuld met iemand die niet de juiste opleiding of scholing had. Vaak werd er dan via learning on the job en/of training en scholing voor gezorgd dat de kandidaat toch op de functie aansloot.

04 april, 2019

Stromen Oost-Europese arbeidsmigranten vaker de WW in dan Nederlandse werknemers? (Bron: UWV)

Stromen Oost-Europese arbeidsmigranten vaker de WW in dan Nederlandse werknemers?
 

UWV Kennisverslag (UKV) 2019-2 bevat de uitkomsten van een analyse naar het WW gebruik van Oost-Europese arbeidsmigranten en Nederlandse werknemers.

  • In de analyse van de instroom in de WW is gekeken naar twee effecten: het verlies van de baan en het aanspraak maken op een WW-uitkering. Oost-Europese arbeidsmigranten hebben een 4 keer grotere kans op baanverlies dan Nederlandse werknemers.
  • Vergeleken met Nederlandse baanverliezers doen zij minder vaak aanspraak op een WW-uitkering, voornamelijk vanwege hun korte arbeidsverleden.
  • Het effect van baanverlies is sterker dan het effect van een kort arbeidsverleden, en zorgt voor een grotere WW-instroom van Oost-Europese arbeidsmigranten.
  • Dit verschil is grotendeels toe te schrijven aan baankenmerken.

27 maart, 2019

Krapte op de arbeidsmarkt neemt snel toe, nu in acht provincies (Bron: Nu.nl)

In acht provincies hebben werkgevers inmiddels moeite om nieuw personeel te vinden. Behalve in Flevoland, Drenthe, Friesland en Groningen). Twee jaar geleden was er nog in geen enkele privincie krapte op de arbeidsmarkt. Het tekort neemt dus sterk toe.

De arbeidsmarkt voor ICT-personeel is in vrijwel elke provincie krap te noemen.

De kraptste beroepsgroepen zijn te vinden in:

Bouw (krapste beroepsgroep van allemaal)

Zorg

Techniek

Onderwijs

ICT

 

Krapste beroepen:

-Machinemonteurs, bouwarbeiders, elektriciens en elektronicamonteurs.

 

Top 15 van de krapste beroepen:

1) Machinemonteurs

2) Bouwarbeiders afbouw

3) Electriciens en elektronicamonteurs

4) Software- en applicatieontwikkelaars

5) Elektrotechnische ingenieurs

6) Ingenieurs

7) Timmerlieden

8) Vrachtwagenchauffeurs

9) Databank- en netwerkspecialisten

10) Assemblagemedewerkers

11) Automonteurs

12) Productiemachinebedieners

13) Loodgieters en pijpfitters

14) Productieleiders industrie en bouw

15) Transportplanners en logistiek medewerkers

20 maart, 2019

Op de drempel van arbeidsongeschiktheid

Op de drempel van arbeidsongeschiktheid

UWV Kennisverslag (UKV) 2019-1 bevat een analyse van de verschillen in arbeidsparticipatie tussen mensen die wel of geen WIA-uitkering hebben ontvangen.

Uit onderzoek blijkt dat een uitkering de motivatie kan verminderen om werk te zoeken. In de WIA zijn daarom prikkels ingebouwd die werken lonend maken. Deze prikkels blijken te werken, blijkt uit een vergelijking van mensen net boven de WIA-drempel van 35% arbeidsongeschiktheid met mensen die daar net onder bleven:

  • Van de groep die vanuit een dienstverband een WIA-aanvraag deed werken de personen die een WIA-uitkering kregen na 1 en 3 jaar iets minder dan de groep zonder uitkering (5 procentpunt minder).
  • Bij de vangnetters is na 1 en 3 jaar geen verschil in werken.

Bron: Flexwork research

20 maart, 2019

Loopbanen van startende zzp'ers in Nederland

Loopbanen van startende zzp'ers in Nederland
 

In deze studie van zzp'ers die, na in 2008 te zijn gestart, acht jaar lang zijn gevolgd, zijn met behulp van sequentieanalyse loopbaanpatronen onderscheiden.

Bijna 44% van alle zzp'ers die in 2008 zijn gestart, blijft in de acht jaar daarna ook langdurig zelfstandige; slechts een klein deel hiervan groeit door tot zelfstandige met personeel.

De meerderheid van de zzp'ers is acht jaar na de start niet langer actief als zelfstandige.

De meesten zijn korter dan een jaar zzp'er en worden daarna weer werknemer.

Eén op de tien houdt het ongeveer vijf jaar vol voordat ze weer volledig in loondienst gaan.

Tot de niet-langdurige loopbaanpatronen behoren daarnaast nog zzp'ers die binnen één tot drie jaar terugvallen in een uitkering, met pensioen gaan of zonder inkomen de arbeidsmarkt weer verlaten.

 

Bron: Flexwork research

 

05 maart, 2019

Schoolverlaters in crisistijd: Gevolgen voor leren en de vroege loopbaan

In de afgelopen jaren is reeds heel wat onderzoek uitgevoerd naar de mogelijke negatieve gevolgen van de recente economische crisis voor de kans op werk, het loon en de baanmatch van schoolverlaters. Ook is herhaaldelijk vastgesteld dat jongeren die in tijden van crisis naar de arbeidsmarkt doorstromen het extra zwaar te verduren hebben. Er is echter veel minder bekend over de gevolgen van de recente crisis voor de leermogelijkheden van jongeren, en hoe dit hun verdere carrièreverloop heeft beïnvloed. Dit laatste hebben we in dit rapport nader onderzocht. Onze verwachting was daarbij dat schoolverlaters ander leergedrag vertonen in crisistijd dan in economisch betere tijden, en dat dit hun arbeidsmarktuitkomsten op de middellange termijn beïnvloedt. Dit verwachtten we vanwege twee redenen. Ten eerste hebben bedrijven in tijden van crisis minder geld te besteden, waardoor jonge werknemers die nog maar kort werkzaam zijn minder gelegenheid zouden kunnen krijgen om een cursus te volgen. Vervolgens kan dit een negatieve invloed hebben op hun loopbaanontwikkeling. Ten tweede verwachtten we dat afgestudeerden in tijden van laagconjunctuur er vaker voor kiezen om een vervolgopleiding te volgen, uit vrees om moeilijk een baan te kunnen vinden. Dit zou op langere termijn een positieve invloed kunnen hebben op hun loopbaan. De belangrijkste bevindingen uit dit rapport kunnen als volgt worden samengevat:
Algemene gevolgen van een periode van economische crisis voor jongeren: 
 y Jongeren kennen een systematisch hoger werkloosheidspercentage dan ouderen. De werkloosheidspercentages stijgen tijdens of vlak na crisisperioden. y Het werkloosheidspercentage ligt systematisch hoger onder jongeren met een mbo-niveau 1 diploma. Het werkloosheidspercentage van schoolverlaters van mboniveau 2 en 3 vertoont de sterkste stijging in perioden van laagconjunctuur. y De toename in het percentage jongeren met een flexibele arbeidsrelatie hangt samen met de flexibilisering van de arbeidsmarkt. De trend lijkt niet tot nauwelijks beïnvloed te zijn geweest door de crisisperiode van 2008-2014. y De toenemende flexibilisering van de arbeidsmarkt is voor alle onderwijsniveaus zichtbaar. Ook uitgesplitst naar opleidingsniveaus is geen relatie zichtbaar tussen crisis en flexibele arbeidsrelatie. y Het percentage mbo- en hbo-gediplomeerden dat op het eigen niveau werkt vertoont weinig conjuncturele fluctuatie.

 

y Het mediane bruto uurloon lijkt te reageren op de crisis: Voor mbo 2 en 3, mbo 4 en hbo stijgt het uurloon tot 2007, waarna er tot 2013 een daling plaatsvindt.
 
Gevolgen van een periode van economische crisis op het verder leren van schoolverlaters: 
 y Het leergedrag van hbo-gediplomeerden wordt sterker beïnvloed door de laagconjunctuur dan het leergedrag van mbo bol- en mbo bbl-gediplomeerden. y Zowel mbo- als hbo-diplomeerden nemen in tijden van crisis minder vaak deel aan cursussen. Voor hbo’ers en mbo bol-gediplomeerden is dit negatieve effect het grootst. Wanneer de conjuncturele werkloosheid met 1% stijgt, nemen ze respectievelijk 1,6% en 1,5% minder deel aan cursussen. y Mbo bol-gediplomeerden volgen in crisistijd vaker een vervolgopleiding, hbo-gediplomeerden juist minder vaak. y Oorzaken hiervoor zouden kunnen zijn dat het rendement van een vervolgopleiding voor mbo’ers gemiddeld hoger ligt dan voor hbo’ers, en dat het het laatste decennium moelijker én duurder is geworden voor afgestudeerde hbo’ers om door te studeren in het wo (Inspectie van het Onderwijs, 2017; Belfi, e.a. 2017). Daarnaast worden mbo-beroepen vaak harder getroffen tijdens een economische crisis, waardoor de keuze om door te leren relatief aantrekkelijker wordt. De kosten-batenanalyse die gepaard gaat met de keuze tot het al dan niet volgen van een vervolgopleiding valt hierdoor vermoedelijk vaker negatief uit voor hbo-afgestudeerden dan voor mbo-afgestudeerden.
 
Gevolgen van een economische crisis op het verder leren van schoolverlaters, naargelang hun achtergrondkenmerken: 
 y Personen met een migratieachtergrond stromen vaker door naar vervolgonderwijs. Een hoge conjuncturele werkloosheid heeft de grootste negatieve invloed op de doorstroom van hbo’ers met een niet-westerse migratieachtergrond. y Afgestudeerden met een migratieachtergrond maken minder kans op een bedrijfscursus dan autochtonen. Laagconjunctuur vergroot bovendien dit verschil. y Mannelijke mbo bbl- en hbo-gediplomeerden stromen minder vaak door naar vervolgonderwijs tijdens een laagconjunctuur. Bij mbo bol-gediplomeerden geldt het tegenovergesteld. Vrouwen studeren minder vaak door dan mannen, ongeacht de stand van de conjunctuur. y Laagconjunctuur leidt vooral bij mannen en in mindere mate ook bij vrouwen tot een verlaging van de cursusdeelname. y Afgestudeerden met een laag gemiddeld eindcijfer studeren minder vaak door. Laagconjunctuur verlaagt de kans op een vervolgopleiding vooral voor hbo -gediplomeerden met lage eindcijfers. y Afgestudeerden met een relatief laag eindcijfer volgen minder vaak een cursus, maar het effect van een laagconjunctuur is niet eenduidig naar opleidingsniveau.
RESUMÉ ix
 
Gevolgen van veranderde leermogelijkheden tijdens economische crisisperioden voor de vroege loopbaan van jongeren: 
 y De doorstroom naar het vervolgonderwijs lijkt voor zowel mbo- als hbo-gediplomeerden geen pad te zijn waarlangs de conjuncturele werkloosheid bij arbeidsmarktintrede invloed heeft op de arbeidsmarktuitkomsten op de middellange termijn. y De lagere cursusdeelname van hbo’ers tijdens een crisis hangt negatief samen met hun kans op werk op de middellange termijn. y Cursusdeelname op zowel de korte- als middellange termijn heeft een significant positief effect op de arbeidsmarktuitkomsten op de korte en middellange termijn. Dit biedt perspectief zowel voor gerichte beleid als voor individuele werknemers: door juist meer in scholing te investeren tijdens crisisjaren, kunnen eventuele nadelige effecten op de middellange termijn worden getemperd

05 maart, 2019

Werk en mantelzorg

Werk en mantelzorg
 

In Nederland geven vele werkenden hulp aan zieke huisgenoten, familieleden en vrienden. Deze hulp wordt ook wel mantelzorg genoemd. In dit rapport wordt beschreven hoe en voor wie mensen mantelzorg met hun baan combineren. Vaak gaat die combinatie goed, mede doordat mensen deze taken op andere dagen doen. Soms hangt het helpen samen met een lagere kwaliteit van leven. Bijvoorbeeld bij mensen die intensief hulp geven of die het gevoel hebben dat ze wel hulp moeten geven omdat er niemand anders is. Contact met de leidinggevende over de mantelzorg en flexibel werk kan de kwaliteit van leven van mantelzorgende werkenden verbeteren.

05 maart, 2019

Meer flexwerkers krijgen vast contract. Instroom en doorstroom van flexwerkers in 2009-2019

Meer flexwerkers krijgen vast contract. Instroom en doorstroom van flexwerkers in 2009-2019
 

De flexibilisering van de arbeidsmarkt is al decennia aan de gang. Sinds de Grote Recessie is het tempo van flexibilisering verder toegenomen. In juni vorig jaar meldde het CBS de aftocht van de vaste baan. De vraag is echter of de flexibilisering in de toekomst op dezelfde voet verdergaat. Hierbij zijn twee hoofdeffecten van belang. Aan de ene kant de flexibilisering van nieuwe werknemers. Deze groep begint steeds vaker met een flexibel contract (tijdelijk en uitzendcontract). Aan de andere kant de doorstroom van werknemers met flexibele contracten naar vaste contracten. De doorstroom is in de loop der tijd zowel gedaald als toegenomen.

22 januari, 2019

Werkgevers minder bereid tot investeren in tijdelijk personeel

Werkgevers minder bereid tot investeren in tijdelijk personeel
 

Nederlandse werkgevers zijn veel minder bereid om te investe­ren in de scholing van tijdelijke medewerkers met of zonder uitzicht op een vaste aanstelling, dan in medewerkers met een vast contract. Tijdelijk personeel dat wél uitzicht heeft op een vaste aan­ stelling komt er iets beter van af.

11 januari, 2019

Arbeidsparticipatie

Arbeidsparticipatie
 

In het afgelopen decennium heeft de arbeidsparticipatie zich anders ontwikkeld dan in de periode daarvoor. De participatie van jonge mannen (beneden 25) daalt (vooral laag opgeleide en alleenstaande mannen). Het aantal vrouwen dat werkt stijgt, maar deze stijging vlakt af. De participatie van ouderen laat juist een sterke toename zien.

 

11 januari, 2019

Monitor arbeidsmarkt oktober 2018

De Nederlandse arbeidsmarkt heeft zich de laatste tijd sterk ontwikkeld, met grote toename van aantal werkenden (eerst vooral flexwerkers en zzp-ers en met ingang van 2018 ook werknemers met een vast dienstverband). En een dito groei van het aantal vacatures. Met name in de bouw, industrie en handel. Er zijn veel vacatures en weinig werkzoekenden. Waar het werkloosheidspercentage in 2014 nog 7,9% was is deze nu 3,7%.
 
 

30 november, 2018

Korting op VGZ ziektekostenverzekering

https://www.vgz.nl/abu

 

Korting op uw premie via ABU

  • 10% korting voor VGZ Ruime Keuze
  • 10% korting voor VGZ Eigen Keuze
     
  • 15% korting voor VGZ Aanvullend Goed
  • 15% korting voor VGZ Aanvullend Beter
  • 15% korting voor VGZ Aanvullend Best

  • 5% korting voor VGZ Tand Goed
  • 5% korting voor VGZ Tand Beter
  • 5% korting voor VGZ Tand Best